Microplastics zitten niet alleen in oceanen, bodem of drinkwater. Onderzoekers vinden ze steeds vaker ook in het menselijk lichaam, zelfs in hersenweefsel. Nieuw onderzoek wijst erop dat net de hersenen opvallend veel plasticdeeltjes kunnen bevatten, en dat verdient onze aandacht.
Dat betekent niet dat je in paniek hoeft te raken. Wel toont het aan hoe belangrijk het is om blootstelling aan plastic waar mogelijk te beperken, zeker via voeding en verpakkingen waarmee we elke dag in contact komen.
Wat weten we over microplastics in de hersenen?
Recent onderzoek op hersenweefsel van overleden donoren vond concentraties microplastics die zeven tot dertig keer hoger lagen dan in lever- of nierweefsel van dezelfde personen. Bovendien lijken de niveaus te stijgen: tussen 2016 en 2024 werd een toename van ongeveer 50% vastgesteld.
Opvallend is ook dat donoren met een diagnose van dementie de hoogste hoeveelheden microplastics in hun hersenen hadden. Dat bewijst nog niet dat plasticdeeltjes dementie veroorzaken, maar het is wel een signaal dat wetenschappers ernstig nemen.
Microplastics en nog kleinere nanoplastics zijn intussen gevonden in onder meer:
- menselijk bloed;
- de placenta tijdens de zwangerschap;
- vetachtige afzettingen in slagaders;
- hersenweefsel.
Vooral nanoplastics baren zorgen, omdat ze zo klein zijn dat ze mogelijk door beschermende barrières in het lichaam kunnen dringen. In dierstudies konden nanoschaal plasticdeeltjes binnen twee uur na inslikken de bloed-hersenbarrière passeren. Dat is het filtersysteem dat de hersenen normaal beschermt tegen schadelijke stoffen.
Wat er daarna gebeurt, is nog niet duidelijk. Onderzoekers weten niet goed of en hoe de hersenen zulke deeltjes kunnen opruimen. Het hoge vetgehalte van de hersenen zou mogelijk verklaren waarom plasticdeeltjes zich daar sterker ophopen. Tegelijk maakt dat vetrijke weefsel het net moeilijk om metingen heel nauwkeurig en vergelijkbaar uit te voeren.
De link met voeding en ultrabewerkte producten
Een belangrijke mogelijke bron van blootstelling is voeding, vooral ultrabewerkte voeding. Denk aan frisdranken, verpakte snacks, instantnoedels, industrieel brood en kant-en-klare maaltijden. Zulke producten komen tijdens productie, opslag en bereiding vaak meerdere keren in contact met plastic: via machines, folies, verpakkingen en soms ook opwarming in plastic.
Het bronartikel verwijst naar grote studies die een verband vonden tussen een hogere consumptie van ultrabewerkte voeding en problemen met de hersengezondheid. In één analyse met 385.541 deelnemers werd een hogere inname gelinkt aan meer symptomen van mentale gezondheidsproblemen, waaronder depressie en angst. Andere studies vonden verbanden met een hoger risico op dementie, denk- en geheugenproblemen en beroerte.
Belangrijk: dit zijn observationele studies. Ze tonen een verband, maar bewijzen niet dat microplastics rechtstreeks de oorzaak zijn. Ultrabewerkte voeding kan ook om andere redenen nadelig zijn, zoals minder voedingswaarde, additieven, geraffineerde oliën of veel suiker en zout. Toch blijft plasticblootstelling een plausibele factor, zeker omdat sommige verbanden zichtbaar blijven nadat onderzoekers rekening houden met de algemene kwaliteit van het voedingspatroon.
Ook voor hart en bloedvaten is er reden tot verder onderzoek. Plasticdeeltjes in slagaderlijke afzettingen werden in een studie geassocieerd met een ongeveer viervoudig hoger gecombineerd risico op hartaanval, beroerte of overlijden tijdens een opvolgperiode van 34 weken. Ook hier geldt: het verband is ernstig genoeg om verder te onderzoeken, maar vraagt zorgvuldige interpretatie.
Wat kan je vandaag zelf doen?
De wetenschap is nog volop in ontwikkeling. Er wordt zelfs onderzocht of medische technieken, zoals therapeutische aferese waarbij bloedplasma wordt gefilterd, plasticachtige deeltjes uit bloed kunnen verwijderen. Dat is voorlopig veelbelovend maar experimenteel, en zeker geen oplossing voor de hele bevolking.
Voor de meeste mensen ligt de grootste winst in dagelijkse keuzes die blootstelling beperken. Vooral zwangere vrouwen, kinderen, mensen met hart- of hersenaandoeningen en wie veel beroepsmatig met plastic werkt, kunnen extra baat hebben bij voorzorg.
- Kies vaker voor onbewerkte voeding: groenten, fruit, peulvruchten, noten, volkoren granen en verse basisproducten komen doorgaans minder in contact met plastic dan sterk verpakte producten.
- Vermijd opwarmen in plastic: gebruik glas, roestvrij staal of keramiek voor microgolfoven, oven en warme dranken.
- Beperk ultrabewerkte voeding: niet alleen vanwege mogelijke plasticblootstelling, maar ook door de vaak minder gunstige voedingswaarde.
- Gebruik herbruikbare verpakkingen: neem een glazen drinkfles, brooddoos of bewaarpotten mee waar mogelijk.
- Let op met wegwerpplastic: vooral bij warme, vette of zure voeding kunnen stoffen makkelijker uit verpakkingen migreren.
Je hoeft niet perfect plasticvrij te leven om verschil te maken. Elke stap die je blootstelling verlaagt, helpt ook om de vraag naar wegwerpplastic te verminderen.
Besluit: microplastics in de hersenen zijn een nieuw en zorgwekkend onderzoeksgebied, maar nog niet alle antwoorden zijn bekend. Door meer te kiezen voor verse voeding, minder plastic rond warm eten te gebruiken en ultrabewerkte producten te beperken, neem je vandaag al verstandige voorzorgsmaatregelen voor jezelf en het milieu.




