Glas water naast vers fruit en noten op een lichte keukentafel
Categorieën: Educatie en wetenschap|Laatst bijgewerkt: 06/06/2026|

Microplastics zitten niet alleen in oceanen, stranden en bodem. Ze komen ook in ons lichaam terecht via voedsel, drankwater en de lucht die we inademen. Steeds meer wetenschappers onderzoeken daarom wat deze kleine deeltjes doen met onze gezondheid, en in het bijzonder met het hart.

Een nieuw grootschalig onderzoeksproject aan de University of Cincinnati krijgt vijf jaar lang 3,3 miljoen dollar steun om de mogelijke hart- en vaatrisico’s van microplastics en nanoplastics beter te begrijpen. Dat is belangrijk, want hoewel de blootstelling wijdverspreid is, weten we nog niet precies hoe deze deeltjes zich in het lichaam gedragen.

Van plastic afval naar de bloedbaan

Microplastics en nanoplastics zijn kleine plasticdeeltjes die ontstaan wanneer groter plastic afval afbreekt. Ze kunnen ook bewust geproduceerd worden voor industriële of consumentenproducten. Het verschil zit vooral in de grootte: nanoplastics zijn nog kleiner dan microplastics, waardoor ze mogelijk makkelijker biologische barrières passeren.

Deeltjes van micro- en nanoplastics worden beschouwd als hardnekkige milieuvervuilers. Ze breken moeilijk af en blijven daardoor lang aanwezig in water, bodem, lucht en voedselketens. Menselijke blootstelling gebeurt vooral via:

  • voeding, bijvoorbeeld via verpakkingen, bewerkte producten of verontreinigde voedselketens;
  • dranken en drinkwater, inclusief water uit plastic flessen;
  • inademing, onder meer van stofdeeltjes binnenshuis;
  • alledaagse plastic producten die na verloop van tijd slijten of fragmenteren.

Een belangrijke vraag is wat er gebeurt nadat deze deeltjes het lichaam binnendringen. Ze kunnen via het spijsverteringsstelsel worden opgenomen en zich vervolgens verspreiden naar organen. Ook ophoping in het hart behoort tot de zorgen die momenteel onderzocht worden.

Waarom onderzoekers naar het hart kijken

Het hart is een bijzonder gevoelig orgaan. Hartspiercellen hebben veel energie nodig en zijn afhankelijk van goed werkende mitochondriën, de energiefabriekjes van de cel. Wanneer die processen verstoord raken, kan dat gevolgen hebben voor de werking van hartspier en bloedvaten.

Wetenschappers onderzoeken nu of blootstelling aan micro- en nanoplastics kan bijdragen aan vroege afwijkingen in hartspier en bloedvaten. Daarbij kijken ze onder meer naar oxidatieve stress en mitochondriale disfunctie. Oxidatieve stress ontstaat wanneer schadelijke reactieve stoffen in de cel de overhand krijgen en schade kunnen veroorzaken aan celstructuren. Mitochondriale disfunctie betekent dat cellen minder goed energie produceren.

Ook de periode na een hartaanval krijgt aandacht. Bij een hartinfarct krijgt een deel van de hartspier tijdelijk te weinig zuurstof door een verstoorde bloedtoevoer. De hypothese is dat blootstelling aan micro- en nanoplastics het herstel of de schade na zo’n zuurstoftekort mogelijk kan beïnvloeden. Dat wordt onderzocht in preklinische modellen, waarbij wetenschappers nagaan hoe deeltjes zich verspreiden in weefsels na blootstelling en inname.

Een bijkomend mechanisme speelt zich af binnenin cellen. Wanneer microplastics in hartcellen terechtkomen, proberen cellen ze op te ruimen. Maar plasticdeeltjes zijn niet zomaar afbreekbaar. Daardoor kunnen ze het interne afvalverwerkingssysteem van de cel belasten of blokkeren, met mogelijke schadelijke gevolgen stroomafwaarts.

Waarom meten zo moeilijk is

Microplastics onderzoeken klinkt eenvoudig, maar dat is het niet. Om gezondheidseffecten betrouwbaar te bestuderen, moeten onderzoekers precies weten welke deeltjes aanwezig zijn, hoe groot ze zijn, welke vorm ze hebben en waar ze zich ophopen.

Dat is technisch uitdagend. Sommige plastics, zoals polyethyleen, lijken chemisch op bepaalde lichaamseigen materialen, zoals vetten en lipiden. Daardoor kunnen ze als het ware gecamoufleerd zijn in weefsel en moeilijk te detecteren zijn. Moderne analytische technieken zijn nodig om concentratie, grootteverdeling en eigenschappen van de deeltjes goed te meten.

Ook de testdeeltjes zelf zijn belangrijk. In de echte wereld zijn microplastics niet mooi rond en identiek. Ze verschillen sterk in vorm en grootte, omdat ze ontstaan door slijtage en afbraak. Onderzoek dat alleen met uniforme commerciële deeltjes werkt, geeft dus mogelijk geen volledig beeld. Daarom worden deeltjes ontwikkeld die beter lijken op de micro- en nanoplastics die we in het milieu aantreffen.

Wat kan je zelf doen om blootstelling te beperken?

Het onderzoek naar hart- en vaatrisico’s loopt nog, maar wachten op absolute zekerheid hoeft niet. Je kan je blootstelling aan plasticdeeltjes op een haalbare manier verminderen, zonder je leven drastisch om te gooien.

  • Kies vaker voor kraantjeswater in een glazen of roestvrijstalen fles in plaats van water uit wegwerpplastic.
  • Verwarm eten liever niet in plastic bakjes, zeker niet in de microgolfoven. Gebruik glas, keramiek of inox.
  • Beperk sterk verpakte en ultrabewerkte voeding waar mogelijk.
  • Stofzuig en verlucht regelmatig, want microplastics kunnen zich ook ophopen in huisstof.
  • Kies kleding van natuurlijke vezels wanneer dat kan, en was synthetische kleding op lagere temperatuur en met een volle trommel.
  • Vermijd onnodige wegwerpplastics: zakjes, bekers, folie en bestek hebben vaak een korte gebruiksduur maar een lange milieuschaduw.

Microplastics zijn geen probleem dat je alleen als consument kan oplossen. Producenten, beleidsmakers en industrie spelen een grote rol in minder plasticproductie, betere materialen en strengere controle. Toch helpt elke stap: minder plastic in je dagelijkse leven betekent minder afval, minder verspreiding in het milieu en mogelijk ook minder blootstelling voor jezelf en je gezin.

Praktisch besluit: de wetenschap onderzoekt steeds preciezer hoe micro- en nanoplastics het hart kunnen beïnvloeden. Tot er meer duidelijkheid is, is het verstandig om plasticcontact met voeding, drank en binnenlucht zoveel mogelijk te verminderen op eenvoudige, volhoudbare manieren.