Je eet elke week een bankkaart aan plastic. Vijf gram, elke week opnieuw. Het is het bekendste cijfer uit heel de microplasticsdiscussie — en het klopt niet.
Ik vind dat interessanter dan de claim zelf. Want als het meest gedeelde getal er zó ver naast zit, wat weten we dan wél?
3.000 jaar in plaats van één week
De Britse factcheckers van Full Fact namen de versie onder de loep waarin je die bankkaart inademt, en gaven er één oordeel aan mee: onwaar. Mensen ademen waarschijnlijk wel wat microplastic in, schrijven ze, maar alle studies die zij gezien hebben wijzen op veel minder dan de massa van een bankkaart per week.
Hoeveel minder? Onderzoeker Alvise Vianello rekende het voor: aan de hoogste concentratie die in zijn onderzoek gemeten werd, zou je er ongeveer 3.000 jaar over doen om 5 gram in te ademen. Drieduizend jaar tegenover één week. Dat is geen kleine overschatting, dat is een andere grootteorde.
En via je eten?
Daar bestaat de claim ook, en daar klinkt het oordeel voorzichtiger maar gaat het dezelfde kant op. Het Minderoo Centre van de University of Queensland schrijft dat het cijfer breed gedeeld wordt, maar dat de juistheid ervan betwist is: voor een typisch voedingspatroon — zij rekenden met het Australische boodschappenmandje — is het een forse overschatting.
Hun belangrijkste reden klinkt saai en is net daarom het onthouden waard: plasticdeeltjes zitten heel ongelijk verspreid. Heterogeniteit, noemen onderzoekers dat. Het ene staal van hetzelfde voedingsmiddel kan iets totaal anders geven dan het volgende. Schaal je dan één meting op naar “per week, per mens”, dan krijg je een getal dat vooral indrukwekkend klinkt.
Waarom niemand een goed getal heeft
Dat meetprobleem speelt niet alleen bij eten en lucht. In januari 2026 kwam er stevige kritiek op de methodes waarmee plastic in menselijk weefsel gemeten wordt. Vet geeft bekende valse positieven voor polyethyleen, legt dr. Dušan Materić uit: het apparaat ziet plastic waar vet zit. Hersenweefsel bestaat voor ongeveer 60% uit vet, lever voor ongeveer 5% — en dat zou mee kunnen verklaren waarom er in hersenen ongeveer tien keer meer “plastic” gevonden wordt. Daarbovenop: de huidige detectiemethodes kunnen deeltjes op nanoschaal niet identificeren.
Die kritiek gaat over hoevéél en hoe nauwkeurig, niet over óf het er zit. Dr. Frederic Béen, aan de andere kant van het debat, zegt het zo: er is steeds minder twijfel dat micro- en nanoplastics in weefsels aanwezig zijn. Dat onderscheid is belangrijk. “Het cijfer klopt niet” is iets anders dan “er is niks aan de hand”.
Betekent dat dat er niks binnenkomt?
Nee. Full Fact zegt zelf dat mensen waarschijnlijk wel degelijk microplastic inademen. En de studies van de voorbije maanden vinden die deeltjes ook terug in het lichaam.
Onderzoekers vinden die deeltjes ook steeds opnieuw terug in het lichaam, tot in hersenweefsel. Hoe betrouwbaar die metingen precies zijn, zocht ik apart uit in microplastics in de hersenen: hoe betrouwbaar is die meting?
Wat we wel en niet weten over plastic in het lichaam schreef ik eerder uit in microplastics in ons lichaam: reden tot zorg? en in microplastics in je brein.
Wat je er wél mee kunt
Ik vind het vooral een opluchting dat die bankkaart van tafel is. Niet omdat er niks aan de hand is, maar omdat dat cijfer alles fatalistisch maakte. Vijf gram per week klinkt als: ik ben toch al verloren, laat maar.
Terwijl er wél metingen zijn die concreet en herhaalbaar zijn. Onderzoekers van de University of Nebraska-Lincoln warmden plastic babyvoedingsbakjes in polypropyleen en een herbruikbaar zakje in polyethyleen drie minuten op vol vermogen op in een microgolf van 1000 watt, gevuld met water of met 3% azijnzuur (zuur, zoals tomatensaus). Dat kon meer dan 2 miljard nanoplastics en 4 miljoen microplastics per vierkante centimeter bakje vrijgeven. Zelfs zes maanden gewoon bewaren in de koelkast of op kamertemperatuur gaf al deeltjes af. Labotest, ja — maar het gaat over een handeling die je elke dag doet.
Daar kun je iets mee. Niet “je eet een bankkaart”, wel: kieper je lunch eerst in glas of op een bord, dán pas in de microgolf. De rest van de praktische kant staat in minder microplastics binnenkrijgen in 8 haalbare stappen.
Blijft de vraag die me het meest bezighoudt: hoeveel krijgen we dan wél binnen? Zolang de deeltjes zo ongelijk verspreid zitten en nanodeeltjes niet te identificeren zijn, heeft niemand daar een betrouwbaar getal voor. Minder bevredigend dan een bankkaart. Maar het is wat we weten.
Bronnen
- Full Fact — You do not inhale a credit card’s worth of microplastic every week (2024)
- University of Queensland, Minderoo Centre — Do we really eat a credit card worth of microplastics every week?
- Packaging Europe — ‘Bombshell’ article casts doubt on studies of microplastics in the human body (2026)
- University of Nebraska-Lincoln, studie in Environmental Science & Technology — Nebraska study finds billions of nanoplastics released when microwaving containers (2023)




